Terug naar nieuwsoverzicht

Reisverslag: Thee, de gouden drank uit Ceylon

Door Marcel Vogel | 19 juni 2018

Wist je dat Sri Lanka, voormalig Ceylon, een van de grootste theeproducenten ter wereld is? Het weer en het landschap van het land zijn ideaal voor het verbouwen van thee. Marcel Vogel, mede-eigenaar en oprichter van Axxent Masters in Tea neemt ons mee op reis van pluk tot cup.

 “Al vroeg in de ochtend vertrek ik met mijn chauffeur Janaka vanuit Kandy, een van de belangrijkste handelssteden van het land, naar het Abbotsleigh Tea Estate. Een tocht van ongeveer 75 km. Door het hectische verkeer, tuktuks en mensen die her en der over straat lopen rijden we niet harder dan 35 km per uur. Het kan bij mij de pret niet drukken: ik geniet van het uitzicht op de groene valleien vol met prachtige bomen, kleurrijke fruitkraampjes langs de weg en de hevig toeterende bussen.

Hoogte bepaalt de kwaliteit

Sri Lanka kent een aantal klassen thee, op basis van hoogte ingedeeld. Low grown, medium grown en high grown, waarbij de laatste klasse groeit op een hoogte boven 1300 meter. De hoogte bepaalt mede de kwaliteit van de thee. Boven 1300 meter heerst er een soort microklimaat met een temperatuur van ongeveer 20 °C en de juiste luchtvochtigheid: de ultieme omstandigheden voor de theestruiken.

Handgeplukt

Wat opvalt is dat de theestruiken op de zeer steile hellingen volgens een vast patroon zijn aangelegd. Dat maakt het voor de plukkers mogelijk tussen de struiken door te lopen en te plukken. Plukken met machines is hier onmogelijk. Sri Lanka is trots op het predikaat “only handplucked” tea. De plukkers plukken de bovenste twee blaadjes en een knop, ‘two leaves and a bud”. Dit resulteert in de beste kwaliteit. De geplukte blaadjes worden in de zakken, die op hun rug hangen, gegooid. Op vaste tijden komen de plukkers bij elkaar en wordt het blad gewogen en vervoerd naar de fabriek.

Abbotsleigh Tea Estate

Bij aankomst bij Abbotsleigh Tea Estate ruik ik direct de kenmerkende, grassige geur van het verse theeblad. Abbotsleigh ligt op een hoogte van 1300 meter, heeft een totale omvang van 427,46 hectare en er wonen 603 gezinnen. De eerste productie van thee op dit Estate gaat terug naar 1892. Estate Manager Suranga Dela leidt mij rond door de fabriek, langs de verschillende stappen van pluk naar cup. De machines in de fabriek zijn van Britse makelij en zijn soms meer dan 100 jaar oud.

Verwerking van thee

Drogen
Grote houten bakken zijn gevuld met theebladeren. Via ventilatoren wordt warme lucht door het gaas geblazen waar de bladeren op liggen waardoor de bladeren drogen. Door het opschudden door een werknemer verkort je de droogtijd. Dit is de eerste stap van het verwerkingsproces. Van elke 5 kilogram aan groene theeblaadjes blijft uiteindelijk slechts 1 kilogram eindproduct over.

 

Rollen
Na het drogen worden de bladeren machinaal gerold tussen twee grote schijven. Hier begint het oxidatieproces van thee. Via een ingenieus ‘stortsysteem’ vallen de gedroogde blaadjes vanuit de droogbakken in de rollers op de begane grond. Door het rollen van het blad komen er enzymen vrij die het blad doen oxideren. Deze vrijgekomen sappen uit de bladeren geven het theeblad door het contact met de buitenlucht een roestbruine kleur. Het rollen duurt ongeveer 20 minuten.

Het gerolde theeblad wordt vervolgens tweemaal gebroken in een soort draaiturbine met daarin ijzeren schoepen. Er zijn twee methoden om het blad te breken: de orthodoxe en de non orthodoxe. De eerste methode produceert grovere bladen dan de tweede methode. Grovere theeblaadjes, ook wel aangeduid als ‘Broken Orange Pekoe’ (B.O.P.), worden veelal voor pyramide theezakjes gebruikt. Abbotsleigh is een fabriek waar men volgens non orthodoxe methode werkt, ook wel CTC genoemd (Crush Tear Curl). Deze methode resulteert in fijnere thee voor theezakjes, aangeduid als ‘Fannings’ en ‘Dust’.

Oxidatie
Bij Abbotsleigh gaat het gebroken blad op transportbanden langzaam verder in de fabriek. Op deze banden ligt het totdat de ideale oxidatietijd is bereikt, meestal nog zo’n 2 à 3 uur. Het is belangrijk dat men zich strikt aan deze tijd houdt, aangezien het oxidatieproces de thee zijn geur, kleur en smaak geeft.

Om het oxidatieproces te stoppen worden de gebroken bladeren gedurende 21 minuten bij een temperatuur van 220 °C langzaam door een droogoven gevoerd. Bij een kortere tijd krijgt de thee een zeepachtige smaak en duurt het drogen langer dan krijgt de thee een bittere, karamel smaak. Als de thee uit de oven komt wordt het kort gekoeld met koude lucht en is het eindresultaat van zwarte thee bereikt. Het productieproces van groene thee is dus een proces waar oxidatie direct na het breken wordt gestopt. Dit gebeurt door bakken in een oven of een wok of door stomen. Door het verhitten verdwijnt al het vocht uit de bladeren en vindt er geen verdere oxidatie plaats. Zo behoudt het theeblad haar groene kleur. Wokken geeft de groene thee een nootachtige, zoete en plantaardige smaak, terwijl stomen een meer vegetale smaak geeft en de vergelijking met spinazie en zeewier wordt gemaakt. 

Sorteren en zeven
Eventueel te grove stukjes (takjes) worden gescheiden door de thee over elektrostatische rollers te leiden (fiber extractors) waar de fijne thee aan blijft ‘plakken’. Nog zo’n 10 – 15% wordt er in deze fase uitgehaald. Dit ‘afval’ wordt hergebruikt als voedingsstof (mest) op de plantage. Tot slot wordt in een schudmachine gezeefd (vibro screens) en gesorteerd naar grootte. Dit proces geeft de gradatie en bladtype van thee aan.

Verpakken
Uiteindelijk wordt de thee bulk verpakt in grote papieren zakken met een aluminium coating aan de binnenkant. Dit biedt optimale bescherming tegen vocht, de grootste natuurlijke vijand van gedroogde thee. Van elke 1000 kilogram geproduceerde thee wordt 4 kilogram aan samples in de markt uitgezet. De verpakkingsfabrieken of bulk handelaren kunnen deze thee samples in hun eigen lab testen en uiteindelijk via de Tea Auction in Colombo aankopen.

 

Met de voetjes in de klei

Na het bezoek aan de fabriek loop ik naar een nabijgelegen theeveld waar ik nog ruim een uur doorbreng tussen de plukkers. Zelf met de voeten in de klei ervaren hoe zwaar het werk is, zet mij weer met beide benen op de grond en vergroot mijn respect voor de mensen die hier jarenlang elke dag plukken.